Oerinstinct
Twee blozende jongemannen, in de bloei van hun leven. Gedreven stappen ze voort, zij aan zij. Wijdbeens lopend eisen ze de stoep op. Niemand mag ze nog in de weg staan, nu de terugtocht is aanvaard. Op hun gezicht: een triomfantelijke grijns. Beiden houden ze hun prooi met gestrekte arm beet. Een beetje omhoog, van het lichaam af. Laat iedereen maar zien dat de jacht wederom succesvol was. Het thuisfront kan trots zijn.
Jawel, vanavond hebben de helden weer pizza’s gescoord.
Voor een dag vól hormonen
Het ontbijt bevat al meer
dan de dagelijks aanbevolen hoeveelheid.
Daarnaast ondersteunt het voedingssupplement
de algehele geestelijke slapte en passiviteit.
Een voedzaam tussendoortje geeft je nét dat beetje extra
om je natuurlijke balans volledig te verstoren.
De lunch is rijkelijk gevuld met onbestemd verlangen,
met een extra portie zelfmeelij.
Met een snack vol ondefinieerbare stukjes afwezigheid
blijf je lekker prikkelbaar en explosief
En tegen het vallen van de avond
krijg je de tranen er – zomaar- bij.
ontbijtreclame
Ik lig tussen kraakwitte lakens. De lichte gordijnen deinen zachtjes voor de wijd openstaande balkondeuren. Ze filteren de ochtendzon, die door de kieren fel naar binnen schijnt. Ik ben bijna wakker, maar lig nog een beetje te sluimeren. De geur van verse koffie dringt langzaam mijn neus binnen. Loom draai ik me nog een keer om en rek me helemaal uit. Ik glimlach bij het idee dat hij straks triomfantelijk een dienblad met warme croissants en verse jus naar binnen zal dragen.
Maar mijn lief lacht niet als op tv.
Blikkerend wit.
Mijn lief is niet
oogverblindend schoon.
De waarheid van mijn zondagochtend dringt pas echt tot me door als allebei mijn ogen open zijn. Mijn slapend lief maakt een vreemd geluid. Een geluid van een kapotte televisie. Hij blaast zijn adem in mijn gezicht. Ik draai me nog maar een keer om. De lakens stinken naar slaap. Mijn mond is droog, mijn slapen bonken en ik hunker naar koffie.
Maar ik blijf liggen en verroer me niet. Want ik wil nergens liever zijn dan hier. Ik zal doen alsof ik slaap. Urenlang, als het moet. Zodat hij me straks teder wakker kussen kan. Mijn ochtendidylle is dan werkelijk perfect. Want hij is echt, mijn lief.
Te
Ik ben te overdadig met woorden. Ik besmeur smetteloos wit papier met een eindeloze stroom woorden. Een onsamenhangende brij, die minder betekenis heeft dan dat ene onbeschreven blad. Eerst leek alles nog helder en overzichtelijk. Nu is er alweer teveel gezegd. Strepen en doorhalingen zullen altijd zichtbaar blijven, ik kan typ-exen wat ik wil, scheuren heeft geen zin. Die woorden staan daar en schreeuwen alleen maar om verdere uitleg. En daarvoor zijn meer woorden nodig. Meer woorden, meer wit papier voor eeuwig verloren. Ik schrijf en schrijf en nooit is het genoeg. Zo sterf ik, woord voor woord, een langzame dood in een vernietigende maalstroom.
Melodrama
De zoete pianomuziek speelt nog. We stommelen de donkere zaal uit, het felle licht van de foyer tegemoet. Als een blind molletje knijp ik mijn ogen tot spleetjes. Ben beneveld door de beelden, hoor mijn vrienden ergens ver weg praten. Iets over bier en waar we dan naar toe gaan en slap verhaal en gelukkig wel dat lekkere ding. Slechte film, ja, vond ik ook. Maar wel zo’n psychologisch drama. En daar ben ik nogal vatbaar voor. Ik voel het langzaam in me opkomen. Snel kus ik mijn vrienden gedag, iets mompelend over moe en morgen vroeg op. Op weg naar mijn fiets, voel ik het al. Ik ben in de film blijven hangen. Een sterk staaltje Method Acting. Gelukkig ben ik mijn enige toeschouwer. Als ze in de stromende regen naar huis fietst, hoor ik de aanzwellende muziek op de achtergrond. Ze veegt met een wild gebaar een pluk haar uit haar gezicht. En dan komen de tranen. Melodramatisch laat ze ze over haar wangen stromen. Ik volg aandachtig iedere beweging. Ze lijken iets trager dan normaal, voor de dramatische lading. Thuisgekomen zijn de tranen verdwenen, maar af en toe volgt een shot van haar diepe blik. In gedachten verzonken schrijdt ze door de kamer. Slaakt af en toe een bijbehorende zucht. Gepeins in de verte, terwijl ze zich langzaam uitkleedt. Handen in close-up, die haar bloes losmaken. Knoopje voor knoopje. Daarna maakt ze behoedzaam een stapeltje van haar kleren. Ze slaat de geruite deken op. Strijkt terloops nog even over het lege kussen naast haar. Bibberend kruipt ze tussen de lakens. Waarom is zij zo droevig? De volgende scène zal alles duidelijk maken. Maar dan slaap ik al.