zomp shuffle
Zomp Shuffle

waldsterben
waldsterben
in orde
in orde
waarom niet gelezen?
waarom niet gelezen?



tags



Posts door Anne Renner

Wennen II


Als het zomer wordt, ineens, heftig, nu. En als ik merk dat ik er eigenlijk niet klaar voor ben. Telkens sta ik weer met te veel kleren op straat, temidden van mensen in korte broeken en mauwen en zonnebrillen, terwijl mijn jas al nutteloos over mijn arm hangt. Om me heen roodgelakte tenen in sandaaltjes, groen, paars geel, patronen op jurken die zicht op een al bruine rug geven. Iedereen zijn ideaalgewicht, hoofd en houding rechtop, naar de zon toe. Zomaar. Mijn jas weegt zwaar. En ik kan niet uitsluiten dat er druppels zweet op mijn voorhoofd staan.

Maar gisteren, toen regende het ineens, heftig en mooi, de hele dag door. Ze schuilden onder afdaken en er waren watervlekken op hun kleren, het haar in der waar, ondanks de paraplus. God, de paraplus die niet dicht wilden, die de wind omwaaide en die de tassen in de weg waren, die je nergens kwijt kon en die uren nat bleven. Ik stond er ook bij, maar je zag me niet meer.



Paul


Ik herinner me ineens een Amerikaanse vriend van mijn broer. De vriend belde ooit op en wou zijn adres hebben. Ik spelde de naam van de stad waar mijn broer toen woonde verkeerd. De Amerikaanse vriend van mijn broer was één, soms twee jaar later met bezoek toen mijn grootmoeder op het sterfbed lag. Hij was bij de begrafenis toen alles al wit van de sneeuw was en koud. Ondertussen is de Amerikaanse vriend van mijn broer overleden. Mijn broer was er toen zijn vriend op het sterfbed lag. Bij het begrafenis was het heet en het verlies brandde op de huid. Vandaag is het grijs en het begint net te regenen. Ik zit in gedachten aan mijn bureau, tussen alle papieren die ik uit gebrek aan tijd niet heb kunnen sorteren.


Der Sessel


Der Sessel steht in der Wohnzimmerecke. Er hat ein verblasstes Blumenmuster. Man kann von einer Blume zur nächsten gucken, über den ganzen Sessel. Es ist ein sehr großer Sessel. So ein Ohrensessel mit hoher Lehne. Als Kind bin ich regelrecht in ihm versunken. Ich erinnere mich, wie ich mich hochgezogen habe, und wie die Füße kurz in der Luft hingen, bevor ich sicher auf der Sitzfläche war. Wenn ich mich dort hingestellt habe, konnte ich nur auf Zehenspitzen über die Lehne schauen. Das war vor Papas Krankheit. Der Sessel steht in meiner Erinnerung genau so unverwüstbar in einer Ecke wie in unserem Wohnzimmer. Ich erinnere mich sogar deutlicher an ihn als an Jonas damals. Ich durfte nicht weitersagen, dass Jonas manchmal heimlich ferngesehen hat, dass weiß ich noch. Und ich erinnere mich an seine Konfirmation und dass ich neidisch war auf all die Geschenke und auf die Kinder, die sie vorbeibrachten und für die ein großer Korb mit Süßigkeiten bereit stand. Der Sessel war schon lange vor mir da. Mama erzählt gerne die Geschichte, wie Papa ihn eines Tages vom Sperrmüll mitbrachte. Er sah schon genauso alt aus wie jetzt, sagt sie, und dass es für ihn eigentlich keinen Platz in der Wohnung gab. Sie hätte sich darauf eingelassen, weil sie dachte, dieses marode Ding halte eh nicht lange. Sie hatte Unrecht, der Sessel hat gehalten. Er ist immer noch da. Ich glaube, sie nimmt es ihm übel.


Hulpeloosheid



Achter de deur van de dames wc staat een klein meisje, met haar hoofd naar de muur. Er is niemand op de wc’s, en niemand bij de wastafels. Alleen het kleine meisje. “Is alles goed? Je staat hier zo alleen?” Het meisje schuift wat dichter tegen de muur aan. Ik maak me kleiner, totdat ik op haar hoogte ben. “Kan ik je helpen?” Het meisje draait naar me toe, tranen in haar ogen. Ze snik, snik, snikt. “Ik krijg mijn knopen niet dicht.” Ze wijst op haar rode broek. “Zal ik ze even voor je dicht doen? Dat gaat ook niet makkelijk zeg. Zo, kijk eens. Wacht je moeder buiten?” Het meisje knikt. Snikt. Gaat.

Op een vreemde wc staan. Je bent al een groot meisje, want je kunt alleen naar de wc. Je krijgt je gulp niet dicht. Je wilt niet met een open broek naar buiten gaan. Eigen herinneringen. Het gevoel van hulpeloosheid. Het gevoel dat ik vandaag misschien voor het eerst echt iemand heb kunnen helpen.



Das ist nicht so richtig Lyrik was du da machst

image


Jan Böttcher is schrijver en zanger. Hij woont sinds 1993 in Berlijn en werd hier bekend met de band Herr Nilsson. Tevens krijgt hij ook een naam in het literaire wereldje. Zijn debutroman Lina oder: Das kalte Moor verscheen 2003, en zijn tweede roman is in werking. Jan Böttcher vertelt hoe hij bij het schrijven en de muziek kwam, en over de verschillen van songteksten en literatuur, en zingt een nummer van de laatste CD.