En zij die renden
bond Hij aan krukken
En zij die zweefden
ontnam Hij het zicht
In de kamers van hen
die vroom en deugdelijk leefden
liet Hij winden waaien
Hun kinderen zond Hij weg
in oorlog
of in zaken.
Maar zij die in steegjes
en holen van neon en rook
aan hun centen kwamen
ontvingen van Hem
een dertiende maand.
Zomp 1:3
